Een goed herenparfum dringt zich niet op. Het begeleidt de dag, blijft op de achtergrond aanwezig en ontvouwt zich urenlang. Precies daarin zit het verschil tussen een willekeurige geur en een die bij de eigen persoonlijkheid past.
Herengeuren laten zich grofweg in een aantal terugkerende stijlen indelen:
- Fougère – lavendel, cumarine en eikenmos. De klassieke herengeur bij uitstek, verzorgd en tijdloos.
- Aquatisch – zilte, mariene noten werken schoon en ongecompliceerd. Ideaal voor de zomer en voor alledag.
- Kruidig – peper, kardemom of kaneel geven een geur warmte en contour.
- Houtig – vetiver, cederhout en sandelhout staan voor rust en bestendigheid.
- Leerachtig – markant en zelfverzekerd, meestal met rokerige of tabaksachtige facetten.
Overdag bewijzen lichte, heldere composities hun waarde, die op kantoor of in het openbaar vervoer niemand storen. Voor de avond mag het dichter en warmer zijn: hout, leer of amber dragen verder en komen bij koele lucht bijzonder goed tot hun recht. Veel heren varen er daarom wel bij om twee verschillende geuren naast elkaar te gebruiken.
Tip: breng aan op de polsslagpunten – polsen, hals, achter de oren. Niet uitwrijven na het sprayen, dat breekt de kopnoot en verkort de houdbaarheid.